Laat cijfers los, gebruik patiëntverhalen

Vandaag vergadert de vaste commissie VWS van de Tweede Kamer over ziekenhuiszorg. Op de agenda staan vooral kwantitatieve manieren om de zorg inzichtelijk te maken. Stans van Egmond en Marjolijn Heerings van het Rathenau Instituut roepen op om discussie over kwaliteit van zorg breder te voeren, los van de cijfers,  maar met de werkvloer. Stel daarbij niet de cijfers centraal, maar de ervaringen van patiënten.

De laatste weken laaide de discussie over transparantie in de zorg weer op doordat Minister Schippers ziekenhuizen verplichtte hun sterftecijfers te publiceren. De redenen die zij aanvoert zijn dat cijfers inzichten opleveren over het functioneren van ziekenhuizen voor ziekenhuizen zelf. Bovendien zorgen cijfers voor transparantie zodat de zorgconsument andere keuzes kan maken. Zoals naar een ander ziekenhuis gaan als dat beter blijkt te zijn. Dat moet op den duur leiden tot betere kwaliteit van zorg tegen lagere kosten.

Transparantie is nodig, de redenering van de Minister is daarom niet vreemd. Maar als de Minister en andere beroepsgroepen zelf al stellen dat het cijfers ‘niet de kwaliteit van zorg’ meten (in NRC van 1 maart 2014) dan moet de discussie eerst gaan over: hoe meet je kwaliteit van zorg dan wel?  Het probleem met de cijfers die worden gehanteerd om het functioneren van ziekenhuizen te mee te meten, is dat het onduidelijk is waarop de cijfers zijn gebaseerd en over welke aspecten van zorg deze cijfers iets zeggen. De niet-ingevoerde leek -en dat zijn wij zo’n beetje allemaal -heeft op basis van ziekenhuiscijfers over bijvoorbeeld doorligplekken, wondinfecties of sterftecijfers vooralsnog geen echt inzicht in de daadwerkelijke kwaliteit van geleverde zorg. Bovendien lopen de cijfers een paar jaar achter op het heden. En het gesteggel over cijfers maakt bovendien achterdochtig over of ziekenhuizen überhaupt wel transparant willen zijn en of er misschien niet toch wat te verbergen valt.
Maar wat dan wel? Want juist ook omdat het geld dat wordt uitgegeven aan ziekenhuizen uiteindelijk door de burger zelf wordt betaald, is het recht op meer inzicht een goed uitgangspunt. Uit ons onderzoek www.patientenwetenbeter.nl blijkt dat het leren van ervaringen van patiënten goede inzicht geeft in de kwaliteit van de geleverde ziekenhuiszorg. Patiënten ondergaan het zorgproces en zien daarom het zorgproces anders dan de zorgverleners. Patiënten kunnen bijvoorbeeld zien of , of medicijntoediening verloopt volgens plan, dat dossiers op orde zijn en of de wachttijden acceptabel zijn. Maar het gaat ook over zaken als de manier waarop mensen worden geïnformeerd over behandelingen het verblijf in het ziekenhuis, of over de manier waarop patiënten en hun naasten door zorgverleners worden bejegend. Dit zijn zaken die direct raken aan kwaliteit van zorg voor patiënten. Ervaringen leveren dus snel directe, samenhangende en specifiek informatie over hoe afdelingen reilen en zeilen.

Laat cijfers dus los als enige criterium, en luister meer naar patiënten. Gelukkig bestaan er meerdere getoetste methoden om patiëntenverhalen in te zetten voor verbetering van zorg. Voorbeelden zijn spiegelgesprekken, focusgroepen, experience based co design, of de Els Borstgesprekken. En zo zijn er meer. Bovendien kan de opbrengst van patiëntenervaringen direct dienen als startpunt voor verbeteringen in de zorgverlening. Daarvoor zijn dan geen ingewikkelde, moeilijk te begrijpen en dure getallenreeksen of samengestelde maten nodig.
Stans van Egmond en Marjolijn Heerings zijn onderzoekers bij Rathenau Instituut